Leren

Onder leerstoornissen verstaan we moeilijkheden met het lezen (dyslexie), schrijven (dysorthografie) en rekenen (dyscalculie). Moeilijkheden met het lezen en schrijven vinden hun oorsprong in tekorten in het taalvermogen van het kind. Het kind heeft dan problemen met het omzetten van de gesproken taal in geschreven taal (spellen). Maar ook het omzetten van schrijftaal naar spraak (lezen) verloopt moeilijk. Dyslexie/dysorthografie is een stoornis die gekenmerkt wordt door een hardnekkig probleem met het aanleren en/of vlot toepassen van lezen en/of spellen op woordniveau. Dyslexie komt voor bij 2 à 10% van de kinderen en iets meer bij jongens dan bij meisjes. Bij rekenstoornissen is er sprake van moeilijkheden bij specifieke rekenvaardigheden. Dyscalculie is een stoornis die wordt gekenmerkt door een hardnekkig probleem met het aanleren en vlot/accuraat oproepen/toepassen van reken- en wiskundevaardigheden. Dyscalculie komt bij 1 à 6% van de kinderen voor. (Bron – VVL)